Ijskoningin

Ik zit weer eens in de trein van Den Bosch naar Amsterdam. Zojist is er omgeroepen door de vrolijkste werknemer van railcatering die ik ooit heb gehoord, ik hoop dat hij veel verkoopt. Hij is nog niet bij mij langs geweest. Ik heb de krant al uit en verder heb ik niets te doen, daarom kijk ik zoals gewoonlijk uit het raam.

winterNog steeds geen winter. Het blijft een beetje hangen tussen herfst en lente, daardoor krijg ik het idee dat we nog maar drie seizoenen hebben. Met gemengde gevoelens denk ik erover na.

Ja, ik houd meer van warmte dan van de kou, en sneeuw levert een hoop problemen (en vertragingen) op voor het treinverkeer, maar toch mis ik het. Ik heb altijd in de polder gewoond, waar de sneeuw niet instant veranderde in vieze bruine blubber. In de polder bleef het dagen mooi; witte glitterende vlakten waar je ogen pijn van deden als je het geluk had dat het zonnetje om de hoek kwam kijken.

Elk jaar weer probeerde ik op een iglo te bouwen en elk jaar haakte ik ook weer af op een fundering waar ik muurtjes had van maximaal 30 centimeter hoog. Een iglo is te veel werk voor een of twee personen. Maar dit jaar heb ik niet eens een poging kunnen doen. Niemand heeft nog natuurlijke sneeuw gezien, behalve de mensen die in Groningen wonen of zijn geweest. Een stelletje geluksvogels zijn het, die Groningers.

Want ik had maar één keer sneeuw hoeven zien, één dagje een echt wintergevoel hoeven hebben en dat had deze post nooit bestaan. Maar tot nu toe voel het nog steeds als een eeuwige herfst, en dat is nou net een seizoen waar ik niet ontzettend vrolijk van word (okeee, behalve als ik door een bos loop). Zullen we volgend jaar dan maar gaan voor een eeuwige zomer?

ondertekening